Vraag – Antwoord

"Ben ik voor de sociale zekerheid zelfstandige of werknemer?"

Mevrouw R.O. van Antwerpen vraagt ons : "Een vriend die bedrijfsleider van een KMO is, vraagt mij met hem samen te werken. Hij twijfelt erover mij aan te werven als bezoldigde of als zelfstandige medewerkster. Wat voorziet de wet hieromtrent?»

Eenvoudig gesteld: een werknemer oefent zijn beroep uit in het kader van een arbeidsovereenkomst, in naam en voor rekening van een werkgever. Een zelfstandige werkt daarentegen autonoom , al dan niet voor een opdrachtgever waarmee hij niet door een arbeidsovereenkomst of een statuut verbonden is.

De aard van de arbeidsrelatie (hoe men zich verhoudt ten opzichte van de opdrachtgever) is bepalend: wie werkt onder gezag (of in een band van ondergeschiktheid) is werknemer, wie niet onder gezag werkt, is een zelfstandige.

Omdat gezag nogal een "rekbaar" begrip is, is het onderscheid in de praktijk niet altijd zo duidelijk. Ook de rechters durven daarin nogal eens van mening verschillen.

Elke overeenkomst van zelfstandige samenwerking kan getoetst worden aan 4 algemene criteria, namelijk :
-         De wil van de partijen
-         De vrijheid van organisatie van de werktijd
-         De vrijheid van organisatie van het werk
-         De mogelijkheid om hiërarchische controle uit te oefenen.

In de strijd tegen de schijnzelfstandigheid (of schijnwerknemerschap) voorziet de wet daarenboven sedert 1 januari 2013 voor de fraudegevoelige sectoren (waaronder de bouw, schoonmaak, vervoer, bewaking, ...) ,in de invoering van een aantal specifieke criteria. Wanneer men beantwoordt aan een bepaald aantal criteria dan wordt men vermoed "werknemer" te zijn. Is dit het geval en wordt het tegenbewiijs niet geleverd dan wordt een zelfstandige samenwerking geherkwalificeerd in een arbeidsovereenkomst.

Hebt u twijfels omtrent uw statuut dan kan u uw concrete situatie voorleggen aan de Administratieve Commissie ter regeling van de arbeidsrelatie, die zal beslissen over de aard van de arbeidsrelatie (de sociale ruling). U kan hiervoor uw aanvraag indienen via uw sociaal verzekeringsfonds.

"Mag ik werken tijdens mijn arbeidsongeschiktheid?"

De Heer D.L. vraagt ons: "Ik ben al enkele maanden arbeidsongeschikt, maar wens mijn beroep gedeeltelijk weer uit te oefenen. Is dit mogelijk ? Wat moet ik doen om in orde te zijn ? "

U wenst ander werk uit te oefenen
Nadat u de toestemming van de adviserende geneesheer hebt gekregen, kunt u werk uitoefenen dat verschilt van uw vroegere zelfstandige activiteit. Dat werk moet gericht zijn op uw herklassering. De adviserende geneesheer kan u een toestemming geven voor zes maanden, en daarna nog maximaal één keer voor zes maanden. De maximumduur bedraagt dus 12 maanden. Het is belangrijk dat u de toestemming op voorhand vraagt. Als de adviserende geneesheer uw aanvraag goedkeurt, ontvangt u een schriftelijke toestemming. Pas dan mag u beginnen werken.

U wenst uw vroeger werk te hervatten
-         Uitoefening van uw vroeger werk, gericht op uw reclassering
U kan met de voorafgaandelijke toestemming van de adviserende geneesheer uw vroeger werk als zelfstandige geleidelijk aan hervatten, op voorwaarde dat dat geen gevaar inhoudt voor uw gezondheidstoestand. De adviserende geneesheer kan de werkhervatting ten vroegste toestaan vanaf de tweede maand van uw ongeschiktheid. De adviserende geneesheer kan u een toestemming geven voor zes maanden, en daarna nog maximaal twee keer voor zes maanden. De maximumduur bedraagt dus 18 maanden. U mag uw werk enkel hervatten nadat u de schriftelijke toestemming heeft ontvangen.

 

-         Uitoefening van uw vroeger werk, niet gericht op uw reclassering
Tijdens de periode van primaire ongeschiktheid (meer bepaald het eerste jaar van arbeidsongeschiktheid) kan u, met de voorafgaande toelating van de adviserende geneesheer van uw ziekenfonds, uw vroeger werk als zelfstandige gedeeltelijk hervatten, op voorwaarde dat dit geen gevaar inhoudt voor uw gezondheidstoestand. Bovendien kan die toestemming slechts vanaf de tweede maand van arbeidsongeschiktheid worden verleend. Als invalide gerechtigde (met andere woorden wanneer u meer dan één jaar arbeidsongeschikt erkend bent), kan u met de voorafgaande toestemming van de Geneeskundige raad voor invaliditeit (GRI) van het RIZIV, uw vroeger werk als zelfstandige gedeeltelijk hervatten, op voorwaarde dat dit geen gevaar inhoudt voor uw gezondheidstoestand. Er geldt geen maximumduur. U mag uw werk enkel hervatten nadat u de schriftelijke toestemming van de adviserende geneesheer / GRI heeft ontvangen.

U bent erkend als invalide
Als invalide gerechtigde (met andere woorden wanneer u meer dan één jaar als arbeidsongeschikt erkend bent), kunt u met de voorafgaandelijke toestemming van de Geneeskundige raad voor invaliditeit (GRI) van het RIZIV, uw vroeger werk als zelfstandige gedeeltelijk hervatten, op voorwaarde dat dat geen gevaar inhoudt voor uw gezondheidstoestand. De hervatting moet niet gericht zijn op uw herklassering. Er geldt geen maximumduur.

Heeft mijn klant recht om zijn aankoop te verzaken?

De Heer A.V. van Ieper vraagt ons : "Ik heb onlangs bij een potentiële klant een demonstratie van mijn producten gegeven. Deze klant heeft een bestelbon getekend. Is het waar dat de klant het recht heeft om zijn aankoop te annuleren gedurende 7 werkdagen ?"

De Heer A.V. van Ieper vraagt ons : "Ik heb onlangs bij een potentiële klant een demonstratie van mijn producten gegeven. Deze klant heeft een bestelbon getekend. Is het waar dat de klant het recht heeft om zijn aankoop te annuleren gedurende 7 werkdagen ?"

 

Antwoord

Overeenkomsten gesloten buiten de onderneming van de verkoper moeten vastgelegd worden in een schriftelijke overeenkomst, waarin bovendien een aantal verplichte vermeldingen moeten worden opgenomen: naam en adres van de verkoper, datum en plaats van het sluiten van de overeenkomst, nauwkeurige aanwijzing van het product of van de dienst, leveringstermijn, prijs en betalingswijze en tot slot, het verzakingsbeding in de wettelijk voorgeschreven vorm.

Welke verkopen

Hieronder vallen enkel de verkopen aan de consument van producten en diensten die tot stand gebracht worden door een verkoper:

  • ten huize van de consument of van een andere consument, de home parties en de verkopen op de arbeidsplaats van de consument;
  • de verkopen die tijdens een door of voor de verkoper georganiseerde excursie plaats hebben;
  • verkopen op salons, beurzen en tentoonstellingen, op voorwaarde dat de betaling in die hypothese niet contant gebeurt en dat de prijs hoger is dan 200 euro.


7 werkdagen bedenkttermijn

Deze verkopen moeten, op straffe van nietigheid, het voorwerp uitmaken van een geschreven overeenkomst en voorzien een bedenktermijn van 7 werkdagen. Werkdagen zijn alle dagen behalve zon- en feestdagen (zaterdag is dus wel een werkdag).

Maar wanneer de termijn afloopt op een zaterdag, wordt hij verlengd tot de eerstvolgende werkdag, hetgeen dan meestal een maandag is, tenzij dat ook een feestdag zou zijn. De bedenktermijn vangt aan op de dag die volgt op die van de ondertekening van de overeenkomst. Bij de verkoop op proef begint de bedenktermijn pas te lopen op de dag dat het product geleverd wordt en de termijn loopt af met het verstrijken van de proefperiode. Die mag wel niet korter zijn dan 7 werkdagen.

Uitzonderingen

Er is geen sprake van een bedenktermijn van 7 werkdagen wanneer bewezen is dat de consument de handelaar zelf ten huize uitgenodigd heeft om over de koop te onderhandelen. Het door de consument gegeven akkoord met een door de verkoper telefonisch voorgesteld bezoekaanbod, vormt evenwel geen voorafgaand verzoek. Er mag ook geen enkele levering van een dienst gebeuren vooraleer deze bedenktermijn verstreken is. Reden hiervoor is dat de consument, die van een onmiddellijk geleverde dienst afziet, de dienst niet kan teruggeven. De verkoper mag geen betaling of voorschot eisen vóór het verstrijken van de bedenktermijn. Hij mag ook geen betaling innen. Dit mag wel indien het om een verkoop op beurzen of salons gaat.

De verkoper op wie deze bedenktermijn van toepassing is, is verplicht deze op de bestelbon te vermelden. Op straffe van nietigheid moet deze clausule in het vetgedrukt vermeld worden in een kader.

De bijzondere regels voor verkopen buiten de onderneming zijn niet van toepassing bij verkopen georganiseerd in het raam van handelsmanifestaties zonder handelskarakter en met een uitsluitend menslievend doel zolang hun bedrag dat van 50 euro niet overschrijdt.

Hoe het kasticket van mijn klanten afronden?

De Heer R.A. uit Knokke vraagt ons: "Ik heb onlangs vernomen dat handelaars het kasticket mogen afronden teneinde het gebruik van muntstukken van 1 en 2 eurocent te beperken. Is dit juist ? Hoe gebeurt de afronding ?"

Vanaf 1 oktober 2014 mogen de handelaars en de titularissen van een vrij beroep het totale te betalen bedrag op het kasticket van hun klanten afronden naar het dichtste veelvoud van 0 of 5 eurocent. Zo kunnen we geleidelijk aan het gebruik van de muntstukken van 1 en 2 eurocent verminderen.
U bent echter niet verplicht om de bedragen af te ronden, maar als u voor deze mogelijkheid kiest, moet u uw klanten ervan op de hoogte brengen met een pictogram en het afronden toepassen voor alle klanten.
Opgelet! U mag enkel afronden voor in speciëën betalingen.

Het principe van het afronden
U mag afronden op de volgende voorwaarden:
de betaling gebeurt volledig of gedeeltelijk in speciën (met muntstukken of met maaltijdcheques, ecocheques en geschenkcheques);
u rondt enkel het totaalbedrag van ket kasticket af (en niet de prijs van elk product);
u vermeldt op de kassabon van uw klant het niet-afgeronde totaalbedrag én het afgeronde totaalbedrag;
u hangt het hieronder opgenomen pictogram  duidelijk zichtbaar op.

Belangrijk: u mag het  totaalbedrag van de aankopen niet afronden als uw klant het hele bedrag met een bankkaart betaalt. In geval van gemengde betaling kaart/chartaal mag de handelaar de afronding enkel toepassen op het gedeelte dut u in speciën betaalt.

Bent u apotheker?
Opgelet!  Het afronden geldt niet voor geneesmiddelen
Als uw klant geneesmiddelen of magistrale bereidingen koopt, mag u het totaalbedrag van zijn aankopen in geen enkel geval afronden, ook niet als hij maar één geneesmiddel koopt met andere aankopen (bijvoorbeeld schoonheidsproducten). Als uw klant echter geen enkel geneesmiddel koopt mag u wel afronden.

De afronding berekenen
Het totaalbedrag van het kasticket wordt afgerond naar het dichtste veelvoud 0 of 5 eurocent, ofwel het lagere ofwel het hogere.

Basisbedrag

van het kasticket

eindigt op:

Afronding

Voorbeelden in euro

0,01

0,00

12,91 wordt 12,90

0,02

0,00

12,92 wordt 12,90

0,03

0,05

12,93 wordt 12,95

0,04

0,05

12,94 wordt 12,95

0,05

0,05

12,95 blijft  12,95

0,06

0,05

12,96 wordt 12,95

0,07

0,05

12,97 wordt 12,95

0,08

0,10

12,98 wordt 13,00

0,09

0,10

12,99 wordt 13,00

Het te betalen totaalbedrag dat eindigt op 1 of 2 eurocent wordt afgerond naar het lagere 0,00.
Het te betalen totaalbedrag dat eindigt op 3, 4, 6 of 7 eurocent wordt afgerond naar 0,05.
Het te betalen totaalbedrag dat eindigt op 8 of 9 eurocent wordt afgerond naar het hogere 0,10.

Indien u afrondt moet u het bekendmaken!
Als u er voor kiest om de bedragen af te ronden, moet u uw klanten daarvan informeren door op een duidelijk zichtbare manier het volgende pictogram in kleur op te hangen.
Download het pictogram (PDF, 3.09 MB).
Het moet absoluut in kleur worden gedrukt.
Als u dat wenst, kunt u ook een gratis zelfklever verkrijgen in de kantoren van de FOD economie en de plaatselijke btw-kantoren van de FOD Financiën.

Wat moet u concreet doen?
Kies of u al dan niet wil afronden. Ter herinnering: het is geen verplichting. 
Als u kiest om de bedragen af te ronden:
-         Download, druk (in kleur) en hang het pictogram op een goed zichtbare plaats en in de nabijheid van uw kassa's op.
-         Wanneer de klant wil betalen, vraag hem hoe hij wenst te betalen.
-         Rond de bedragen af, zowel naar boven als naar beneden, voor al uw klanten die contant betalen of die gedeeltelijk contant betalen.
-         Vermeld op het kasticket van de klant het niet-afgeronde totaalbedrag van zijn aankopen én het afgeronde totaalbedrag. Uw kassasysteem moet hiervoor misschien aangepast worden.
-         Indien nodig, geef uw klant het geld terug op basis van het afgeronde totaalbedrag.

Wat met de muntstukken van 1 en 2 eurocent?
De stukken van 1 en 2 eurocent blijven bestaan als wettelijk betaalmiddel. Ze worden niet buiten omloop gesteld en verliezen hun waarde niet.
U mag ze niet weigeren voor zover uw klant ze gebruikt binnen de legale grens van 50 muntstukken gebruiken per betaling.
U mag ze ook blijven gebruiken om geld terug te geven.
Het heeft geen zin naar de bank te gaan om deze muntstukken binnen te brengen!

Hoe de prijs aanduiden?
Elke onderneming die goederen of diensten aanbiedt, moet de prijs hiervan schriftelijk aanduiden op een leesbare, zichtbare en ondubbelzinnige manier. Deze prijzen zijn minstens in euro aangegeven.
De prijs is de totaalprijs te betalen door de consument, inclusief btw en alle andere taksen of diensten die de consument verplicht extra moet betalen.

Voor bepaalde goederen, moet men bovendien hun prijs per meeteenheid aanduiden.
Voor diensten, is er reden om de homogene diensten en de niet-homogene diensten te onderscheiden:

-        de homogene diensten zijn de diensten waarvan de eigenschappen en de modaliteiten identiek of gelijkaardig zijn, met name onafhankelijk van het moment of van de plaats van uitvoering, van de dienstverlener of van de persoon waarvoor de diensten bestemd zijn. (bijv.: schoorsteenvegen, reiniging van een kostuum, ontwikkeling van een film, enz.). In deze hypothese moet de onderneming een tarief opnemen met de verschillende diensten die zij aanbiedt en de overeenkomstige prijzen. Voor bepaalde beroepen bestaan er gereglementeerde tariefmodellen (Horeca, bankdiensten, fotografen);
de niet-homogene diensten zijn diensten met kenmerkende bijzonderheden. Bijgevolg is het onmogelijk een tarief aan te kondigen (vb: reparatie van een schadevoertuig, plaatsing van een dak, plaatsing van een veranda, enz.). 

Hoe wordt men een erkende aannemer?

De Heer T.P. van Lommel vraagt ons : « Ik ben aannemer in de bouwsector en zou willen in aanmerking komen om overheidsopdrachten uit te voeren. Hoe kan ik de erkenning van aannemer bekomen ? »

Om een overheidsopdracht van een bepaalde aard en omvang te kunnen uitvoeren, moet de aannemer aan een aantal voorwaarden voldoen. Indien dit het geval is, krijgt hij een erkenning van de bevoegde regionale minister op advies van de federale erkenningscommissie. Daarbij gaat het enkel om werken, niet om leveringen of diensten. Deze voorwaarden betreffen vooral:

-        de technische bekwaamheid;

-        de financiële draagkracht;

-        de professionele integriteit.

Het nodige vertrouwen

Indien de prijs hoger ligt dan een bepaald drempelbedrag, vormt de erkenning het bewijs dat de aannemer aan deze voorwaarden voldoet.

De erkenning geeft aan de aanbestedende overheden het nodige vertrouwen voor een goede en degelijke uitvoering van de werken. De erkenning is, met andere woorden, een kwaliteitslabel.

Ze is in principe 5 jaar geldig.

De FOD Economie beheert het erkenningssysteem van de aannemers. De dienst voor erkenning der aannemers onderzoekt de aanvragen tot erkenning volgens een bepaalde procedure. De FOD Economie verzekert ook het secretariaat van de Commissie voor erkenning der aannemers.

Klassen en categorieën

De aannemers worden ingedeeld in bepaalde:

-        klassen, naargelang de omvang van de werken die zij mogen uitvoeren;

-        categorieën en/of ondercategorieën, in functie van de specifieke aard van de werken.

Eenmaal een erkenning in een bepaalde categorie of ondercategorie wordt verleend, mag de overheid erop vertrouwen dat de erkende aannemer technisch bekwaam is om die werken uit te voeren en dat het om een gezond financieel bedrijf gaat.

De Commissie voor erkenning der aannemers

Deze commissie geeft advies over:

-        alle aanvragen tot erkenning;

-        alle herzieningen van een erkenning;

-        de gelijkwaardigheid van buitenlandse erkenningen;

-        alle afwijkingsaanvragen.

 

Deze commissie onderzoekt ook klachten tegen erkende aannemers en stelt de sancties voor.

De commissie bestaat uit 24 leden en is paritair samengesteld uit vertegenwoordigers van:

-        de federale overheid;

-        de gewesten;

-        de meest representatieve beroepsverenigingen van aannemers;

-        de meest representatieve vakorganisaties van arbeiders in de bouwsector.

Ze wordt voorgezeten door een magistraat.

Formulieren nodig om een erkenning aan te vragen:

-        identificatiegegevens in verband met de aanvrager;

-        verklaring inzake vorderingen;

-        verklaring betreffende personeel (arbeiders en kaderleden);

-        verklaring inzake totale omzet;

-        lijst van de uitgevoerde werken;

-        getuigschrift van goede uitvoering der werken;

-        lijst zaakvoerders/bestuurders;

aanvraagformulier. 

Ik ben het slachtoffer van bedrog met een beroepsgids!

De Heer A.M. van Gent vraagt ons : "Onlangs heeft een buitenlands bedrijf mij een schrijven gestuurd waarbij mij gevraagd werd na te gaan of de opgegeven persoonlijke en beroepsgegevens correct waren. Na dit schrijven te hebben teruggestuurd voor akkoord, kreeg ik enkele dagen later, tot mijn grote verbazing, een te betalen rekening van meer dan 1000 EUR wegens « bestelling van een betalende advertentie » in een beroepsgids !  Bij nazicht van het oorspronkelijk schrijven, heb ik in zeer kleine bijna onleesbare lettertekens een clausule gevonden die bepaalde dat door het terugsturen van het getekend document, ik contractueel gebonden was voor een duurtijd van 3 jaren !
Wat denkt u hiervan en hoe moet ik nu reageren ?

U bent inderdaad bedrogen ! Vele zelfstandigen zijn het doelwit van zulke bedrieglijke praktijken . Hebt u, bijvoorbeeld, al voorstellen gekregen om uw adresgegevens in te lassen in elektronische of traditionele beroepsgidsen? Hebt u onlangs een factuur gekregen met het voorstel de domeinnamen voor uw activiteit terug te kopen? Hebt u bezoek gekregen van een ronselaar die u voorstelde reclame te maken in een regionaal blad?

Onderteken niets, betaal niets! Lees goed de kleine lettertjes en wees op uw hoede voor warrige informatie. Als u twijfelt, onderteken dan niets!

Bedrog met beroepsgidsen: hoe gaat dat in zijn werk?


U ontvangt per brief, fax of e-mail een bericht waarin men u verzoekt de adresgegevens van uw onderneming (zelfstandigen, vrije beroepen, vzw’s) te corrigeren met het oog op een bijwerking. Men vraagt u het document te ondertekenen en terug te sturen. Maar wanneer u dit document ondertekent, bent u gebonden door een buitensporig duur contract dat pas 2 of 3 jaar later afloopt. Bovendien krijgt u er maar een middelmatige dienstverlening of helemaal niets voor.

Er wordt ook nog een andere werkwijze gebruikt. U ontvangt een factuur die laat veronderstellen dat er al een contract werd afgesloten, terwijl dat niet het geval is. De betaling van deze factuur impliceert dat u het aanbod hebt aanvaard. Ook in dit geval zit u opgescheept met een duur contract van verscheidene jaren.

Reclame-inlassingen: zijn ronselaars altijd eerlijk?

U krijgt bezoek van een ronselaar die u verzoekt te betalen om reclame voor uw onderneming in te lassen in een catalogus die in de regio verspreid en/of verkocht wordt ten voordele van liefdadige doelen.

In de meeste gevallen is het liefdadig doel twijfelachtig. Deze ronselaars zoeken enkel hun profijt onder een vals voorwendsel.

Zodra u het eerste aanbod van de ronselaar hebt aanvaard, wordt u gevraagd het plaatsen van reclame te bevestigen. Ga absoluut de exacte titel na van de catalogus waarvoor u een handtekening wordt gevraagd! Een van de werkwijzen van de ronselaars bestaat erin u, op het ogenblik van deze bevestiging, uw handtekening te vragen om een tweede reclame-inlassing in een ander blad te laten publiceren. Deze ronselaars geven over het algemeen verscheidene magazines uit en profiteren van een ogenblik van onoplettendheid om u twee contracten te laten ondertekenen.

Bedrog met domeinnamen: een nieuw fenomeen


Ook hier zijn er twee methodes. De eerste bestaat erin u op te bellen en te vragen domeinnamen te betalen tegen woekerprijzen. Deze domeinnamen zouden door anderen kunnen worden gekocht en het imago van uw firma kunnen schaden als ze slecht worden gebruikt. Vaak hebben de aangeklampte firma’s al een internetsite die eindigt op de extensie .be, en stelt men hen voor zeer dringend de extensies .biz, .net, .name, enz. te kopen.
Bij de tweede methode stuurt men u een factuur met de vermelding “herinnering”. Deze factuur zet u er meestal toe aan om zo vlug mogelijk te betalen zonder na te gaan of ze terecht is. Het verdient aanbeveling dat u altijd aandachtig bent en alle vermeldingen, vooral de klein gedrukte, analyseert. Door deze vermeldingen te lezen, kunt u vaststellen dat het om een offerte gaat en niet om een onbetaalde factuur. U heeft dus geen voorafgaand contract ondertekend.

Enkele goede reflexen

  • Onderteken niets!
    De handtekening en de vermelding van de datum vormen een vaste contractuele verbintenis. Onderteken nooit een twijfelachtig aanbod of een aanbod dat u niet begrijpt.
  • Betaal niets!
    Zelfs al ontvangt u een factuur waarop de vermelding “herinnering” al of niet is aangebracht, ga systematisch na of deze factuur wel overeenstemt met een gevraagde dienst.
  • Al ondertekend? Al betaald?
    Stop eerst en vooral alle verdere betalingen!


Als u het slachtoffer was van een oneerlijke handelspraktijk (bijvoorbeeld een verkoop met een liefdadig doel terwijl er van liefdadigheid geen sprake is, een factuur zonder voorafgaand contract, …), dan kunt u klacht indienen bij de FOD Economie. Deze FOD heeft immers als opdracht toe te zien op de Belgische goederen- en dienstenmarkt en met name dat de verkopers de economische regelgeving naleven.

Indien u uw rechten wil laten gelden (een terugbetaling bekomen, een kosteloze verbreking van het ondertekende contract, enz.), zullen enkel de gerechtelijke overheden u hierbij kunnen helpen.

Een van de doelstellingen van de Algemene Directie Controle en Bemiddeling (ADCB) van de FOD Economie is de oneerlijke handelspraktijken te doen stoppen in het algemeen belang. Om te vermijden dat anderen in de val lopen, kunt u de ADCB op de hoogte te brengen van de praktijken waarvan u het slachtoffer was.

Opgepast !

Wij raden u aan uiterst voorzichtig te zijn wanneer u aanbiedingen ontvangt van de volgende maatschappijen :

  • BMS
  • BPS (Belgium Packet Service)
  • Construct Data
  • Custom Contact Nederland (bedrijvenonline.nu)
  • DAD - Deutscher Adressdienst / Registre Internet belge
  • Easy Pages Ltd / European www register
  • Edition Hekking Cornélis
  • Euro Business Guide
  • Euroguide.de
  • European City Guide
  • Expo Guide
  • Global Earth Register
  • Globe Trade Control
  • Guide pour la ville
  • Index-Entreprise / Etude Grivière SAO France
  • Inet Biz Solutions
  • Intercable Verlag
  • IRD
  • MCH Printing Services / International Publicity Services
  • Media Belgique Design
  • Media Connect
  • Media Group Vlaanderen
  • Media Print
  • Nederland Media Register
  • Nieuwe Bedrijvengids / Belga Marketing / Internet Bedrijvengids / Annuaire pro
  • Pan World Life
  • Print Media Group / Plattegrond
  • Registre des Branches professionnelles
  • Service-pro / Eurl Media Press
  • TM - Collections
  • TVV - Tele Verzeichnis Verlag / Ondernemings Portaal
  • United Lda / Nova Channel / Temdi / Med1web
  • World Business Guide
  • World Company Register / World Company Directory
  • WZD - Wolf SW / Banque Centrale des données économiques
  • Yellow-Pages


Klacht indienen
Bent u jammer genoeg het slachtoffer geweest van dit bedrog, dan kunt u klacht indienen:
FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie
Algemene Directie Controle en Bemiddeling
Centrale Diensten – Front Office
NG III, 3e verdieping  
Koning Albert II-laan 16
1000 Brussel
Tel.: 02 277 54 84
Fax: 02 277 54 52
E-mail: eco.inspec.fo@economie.fgov.be

U kunt ook klacht indienen bij de gerechtelijke overheden, via uw plaatse

Is een ontslag om dringende reden gebaseerd op onrechtmatig verkregen bewijs mogelijk?

Vraag aan een expert
Katrien Depuydt, Legal expert

Een controle van de computer brengt aan het licht dat een werknemer zijn computer bijna uitsluitend gebruikt voor privé doeleinden (chatten, privaat e-mailverkeer, surfen,…). Kan dit een ontslag om dringende reden rechtvaardigen?

Wat indien een werkgever aan de hand van camerabeelden te weten komt dat een werknemer steelt? Mag de werkgever zich op deze beelden beroepen om een ontslag om dringende reden in te roepen?

Hoe ver reikt m.a.w. het recht op privacy van de werknemer en waar begint het controlerecht van de werkgever?

Is er een evolutie merkbaar?

Traditioneel werd bewijsmateriaal dat door de werkgever werd bekomen in strijd met de privacywetgeving steeds door de feitenrechters uit de debatten geweerd.

De recente rechtspraak neigt er toe het absoluut recht op privacy te doorbreken en dit zowel in strafzaken als in burgerlijke zaken.

Op 2 maart 2005 heeft het Hof van Cassatie in een strafzaak toegestaan dat de rechter zich baseerde op camerabeelden. Dit hoewel de informatieprocedure van de werknemers, voorafgaand aan het gebruik van de camera’s, niet werd gerespecteerd (1).

In een arrest van 10 maart 2008 sprak ons hoogste rechtscollege zich voor de eerste maal in een arbeidszaak principieel gunstig uit over het gebruik van onrechtmatig verkregen bewijs. Het betreft een zaak van de RVA tegen een werkloze werknemer, die arbeid zou verricht hebben gedurende zijn werkloosheid. Het Hof van Cassatie aanvaardde in deze zaak de geldigheid van een door de RVA aangewend proces-verbaal, alhoewel de RVA dit proces-verbaal had verkregen zonder machtiging van het bevoegd openbaar ministerie (2).

Eveneens het Arbeidshof te Antwerpen erkende in een arrest van 27 mei 2008 de geldigheid van het onrechtmatig verkregen bewijs. Het bewijs werd verkregen door kennisname van e-mails met miskenning van de toepasselijke regels inzake de controle van e-mails (3)

Welke voorwaarden moeten vervuld zijn?

Volgens voormelde rechtspraak kan onrechtmatig verkregen bewijs in een geschil (strafrechtelijk of arbeidsrechtelijk) gebruikt worden indien volgende drie voorwaarden vervuld zijn:

  • de bepaling die miskend werd door de werkgever is niet voorgeschreven op straffe van nietigheid
  • de onrechtmatigheid tast het recht op een eerlijk proces niet aan
  • de onrechtmatigheid tast de betrouwbaarheid van het bewijs niet aan


Wat is de conlusie?

Het principe blijft dat onrechtmatig verkregen bewijs voor een ontslag om dringende reden niet toelaatbaar is.

Of onrechtmatig verkregen bewijs al dan niet in overweging mag genomen worden door de rechter om een ontslag om dringende reden te rechtvaardigen, hangt af van voormelde drie criteria. De rechter moet geen rekening houden met het onrechtmatig verkregen bewijs. Hij is vrij te oordelen of hij het al dan niet aanvaardt.

Het arrest van het Hof van Cassatie van 10 maart 2008 opent voor de rechters de mogelijkheid om, in tegenstelling tot vroeger, ook onrechtmatig verkregen bewijs in aanmerking te nemen bij de beoordeling over de rechtmatigheid van een ontslag om dringende reden.

(1) Cass. 2 maart 2005, RABG 2005, afl. 13, 1161.
(2) Cass. 10 maart 2008, http://www.juridat.be
(3) Arbh. Antwerpen 27 mei 2008, A.R. 2070493, onuitg.

Over het Sociaal Secretariaat HDP


HDP Sociaal Secretariaat maakt deel uit van de HDP-AristA groep. De 870 medewerkers van de HDP-AristA groep bieden aan meer dan 280.000 werkgevers, die samen meer dan 375.000 mensen in dienst hebben, en 36.000 zelfstandigen diensten aan met betrekking tot het opstarten van een bedrijf, het beheer van het sociaal statuut van zelfstandigen, het personeelsbeleid, welzijn op het werk, opleidingen en seminaries.

U vindt meer inlichtingen op de website www.hdp-arista.be.

Perscontact
Delphine Motte
Communication consultant
T 09 282 12 76
G 0475 37 32 55
E delphine.motte@hdp.be

Mag ik mijn klant voor de vrederechter oproepen?

De Heer L.P. van Brussel vraagt ons : "Onlangs zei een collega mij dat in geval van geschil met een klant, hij deze voor de vrederechter liet oproepen voor een verplichte poging tot minnelijke schikking, teneinde deze klant te intimideren. Kunt u mij hierover uitleg geven?"

De vrederechter is de rechter die het dichtst bij de bevolking staat. Hij is bevoegd voor problemen in uw gezinsleven, uw buurtbewoners en uw woning. Hij probeert ook steeds een oplossing op mensenmaat voor te stellen, het liefst in overleg met alle partijen. Het vredegerecht is een burgerlijk gerecht, dat wil zeggen dat er geen strafzaken gepleit worden. U kunt een vredegerecht vinden in elke gerechtelijk kanton: het zijn er 225 in totaal.

Griffie

De griffie is in feite het secretariaat van de rechtbank. Elk vredegerecht heeft een griffie die bestaat uit een hoofdgriffier, een griffier, één of meerdere adjunct-griffiers en griffiepersoneel. De meeste griffies zijn open tijdens de kantooruren, maar informeer vooraf naar de openingsuren of maak een afspraak. Op de griffie kunt u alleen inlichtingen krijgen: zij geven u geen raad of advies.

Bevoegdheden

De vrederechter heeft een honderdtal specifieke bevoegdheden. Die kunt u terugvinden in het Gerechtelijk Wetboek. Dit zijn alvast de belangrijkste bevoegdheden:

  • geschillen in verband met huur of verhuur;
  • geschillen over het gemeenschappelijk gebruik, onderhoud, of beheer van appartementsgebouwen;
  • burenruzies;
  • geschillen in verband met de herziening van onderhoudsgelden na een echtscheiding;
  • geschillen in verband met kleine nalatenschappen (kleiner dan 1860 EUR);
  • gedwongen opname in gesloten instellingen van geesteszieken en de regeling voor hun verblijf;
  • voogdij en adoptie.


De vrederechter is ook in alle andere zaken bevoegd, zolang het bedrag van de vordering kleiner is dan 1860 EUR, behalve als het gaat om geschillen tussen werknemers en werkgevers.

Territoriale bevoegdheid

Het is niet altijd gemakkelijk om te weten welke vrederechter bevoegd is. Wanneer u een huur- of appartementsgeschil hebt, dan is de vrederechter van de plaats waar het gehuurde goed of appartement ligt, bevoegd. Bij familiezaken bepaalt de laatste (echtelijke) woonplaats bij welke vrederechter u moet zijn.

Als u twijfelt, neemt u best contact op met het vredegerecht in uw buurt of raadpleeg de website van de FOD Justitie: www.just.fgov.be.

Verzoening

Wanneer u geprobeerd heeft om het geschil uit te praten en ook aangetekende brieven geen oplossing bieden, kunt u voor u een echt proces aanspant bij de vrederechter een verzoening aanvragen. Deze manier van werken is goedkoper – want het is gratis – en sneller.

Vrederechters zijn uitermate geschikt om geschillen op te lossen: ze hebben een juridische achtergrond, praktijkervaring en de psychologische kennis om partijen te kunnen verzoenen. Zij kunnen dit natuurlijk alleen doen in geschillen waarvoor zij bevoegd zijn.

Proces

Wanneer er niets anders meer opzit, dan kunt u een proces aanspannen. In de meeste gevallen moet u daarvoor 'rolrecht' betalen. Het rolrecht is de vergoeding voor het openen van een dossier bij de rechtbank. Meestal bedraagt dit ongeveer 35 EUR.

Mag ik mijn wekelijkse rustdag kiezen?

De Heer P.L uit Brussel vraagt ons: "Ben ik verplicht mijn winkel te sluiten op zondag of mag ik een andere dag in de week sluiten ? "

Alle kleinhandelaars zijn onderworpen aan een wekelijkse rustdag. Onder een wekelijkse rustdag verstaat men een ononderbroken periode van 24 uur, beginnend op zondag om 5 uur of om 13 uur en eindigend op de volgende dag op hetzelfde uur.
Op deze dag is de toegang van de consument tot de vestigingseenheid verboden, evenals de rechtstreekse verkoop van producten aan de consument. Thuisleveringen zijn eveneens verboden.
De wekelijkse rustdag moet minstens voor zes maanden dezelfde blijven.

Welke dag?

Een handelaar kan een andere dag dan de zondag als wekelijkse rustdag kiezen.
In dat geval moet hij op een duidelijke en van buitenaf zichtbare wijze de wekelijkse rustdag en het gekozen aanvangsuur vermelden.
Indien de handelaar een andere dag dan de zondag als wekelijkse rustdag kiest, is het hem verboden op deze dag andere producten te verkopen dan diegene die hij gewoonlijk verkoopt.

Mag ik mijn werknemers verplichten bij koude temperaturen te werken?

De Heer B.N. van Antwerpen vraagt ons: "Mijn personeel komt niet graag werken als het koud is op de werkplaats. Wat voorziet de reglementering hieromtrent ? Bestaat er een minimumtemperatuur om te werken ? "

Arbeidsongevallen die verband houden met de koude zijn erg divers van aard. Sommige zijn het directe gevolg van een blootstelling aan de koude, andere worden indirect veroorzaakt door het werken in een koude omgeving (uitglijden, risico’s door een verminderde behendigheid, enz.).

In het eerste geval zijn de stoornissen te wijten aan de koude van lokale of algemene aard. Dit gaat van een eenvoudige verstijving tot onderkoeling, via bevriezing, koubulten,... Onderkoeling ontstaat bijvoorbeeld wanneer men niet meer in staat is om de eigen lichaamstemperatuur te regelen, met gevolgen die dramatisch kunnen zijn: bewustzijnsverlies, coma, overlijden.

…Naargelang het soort werk

 

Lage temperaturen bemoeilijken het werk. De minimale temperatuur waarbij nog gewerkt kan worden, is afhankelijk van de aard van het werk: administratief werk of zware handenarbeid. De wetgeving houdt hier rekening mee. Voor werk in gesloten en doorlopend bezette ruimtes zijn de minimumtemperaturen wettelijk vastgelegd, rekening houdend met de fysieke werkbelasting:

-        zeer licht: 18°C;

-        licht: 16°C;

-        halfzwaar: 14°C;

-        zwaar: 12°C;

-        zeer zwaar: 10°C.

 

Deze temperaturen meet men met een gewone droge thermometer. De arbeidsgeneesheer bepaalt dan welke maatregelen men moet nemen om de werknemers tegen de koude te beschermen. Hij geeft ook voorafgaand advies over de keuze en het gebruik van collectieve en persoonlijke beschermingsmiddelen en over de rusttijden en het gebruik van ontspanningsruimtes.

Lokalen waar men niet permanent moet werken

 

In lokalen waar men niet permanent moet vertoeven is het onder de volgende voorwaarden toch toegestaan daar in koudere temperaturen te werken:

-         na advies van de arbeidsgeneesheer en met het akkoord van het comité voor preventie en bescherming op het werk;

-         de werknemers moeten regelmatig zich in een verwarmd lokaal kunnen gaan opwarmen;

-         ook moeten ze de gepaste beschermingsmiddelen krijgen.

 

Open werklokalen of werkplaatsen in open lucht

In open werklokalen of werkplaatsen in open lucht moeten de bedrijven tussen 1 november en 1 maart voldoende verwarmingsinrichtingen voorzien. Die moet men in werking stellen als dit nodig is en telkens wanneer het kouder is dan 5°C. In die zelfde omstandigheden moet men ook warme dranken verstrekken. Eventueel, mits akkoord van het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk, kunnen de verwarmingstoestellen zich binnen bevinden, zodat de werknemers zich er regelmatig kunnen gaan opwarmen.

Winkelbanken in open lucht

Een bijzonder geval zijn de winkelbanken in open lucht. Bij een buitentemperatuur van minder dan 5°C is het voor de uitbaters van winkels voor detailverkoop absoluut verboden personeel te werk te stellen aan toon- of winkelbanken die zich buiten of in de onmiddellijke nabijheid van de winkel bevinden. Is de temperatuur tussen 5°C en 10°C, dan mag er onder bepaalde voorwaarden maximaal 4 uur per dag aan winkelbanken in open lucht worden gewerkt.

© SDZ - Drukpersstraat 4 - 1000 Brussel | T 02 652 26 92 | E web@sdz.be