Vraag – Antwoord

Welk statuut heeft een helper van een zelfstandige?

De Heer K.N. van Brugge vraagt ons: "Ik zou mij in mijn handelszaak zo nu en dan willen laten bijstaan door een kennis. Wat zal het sociaal statuut van deze persoon zijn ? »

Ieder persoon die in België een zelfstandige in de uitoefening van zijn beroep bijstaat of vervangt, zonder met deze zelfstandige verbonden te zijn door een arbeidsovereenkomst, wordt beschouwd als een helper. Indien er een band van ondergeschiktheid zou zijn, dan zou de regeling voor werknemers van toepassing zijn.

Uit deze definitie volgt dat een natuurlijke persoon geen rechtspersoon (bv. een vennootschap) kan bijstaan.

De hulp kan bestaan uit ondersteuning of plaatsvervanging. De hulp moet altijd verstrekt worden voor rekening van de zelfstandige (anders zou men de helper als een eigenlijke zelfstandige kunnen beschouwen). De helper hoeft niet noodzakelijk een familieband met de zelfstandige te hebben, al is dit vaak het geval.

Het sociaal statuut van de zelfstandigen is niet van toepassing op de helper wanneer hij:

  • een occasionele (niet-regelmatige) en tijdelijke activiteit van minder dan 90 dagen per jaar uitoefent;
  • de leeftijd van 20 jaar niet bereikt heeft in de loop van het jaar waarin hij de activiteit uitoefent. In geval van een huwelijk is de helper onderworpen vanaf het kwartaal waarin het huwelijk plaatsvindt;
  • een activiteit uitoefent als kinderbijslaggerechtigde student (minder dan 80 uren per maand).


De meewerkende echtgenoot

De wetgever veronderstelt dat iemand meewerkende echtgenoot is wanneer hij de partner is van een zelfstandige (huwelijk of contract van wettelijke samenwoning) en wanneer hij:

  • zijn partner effectief helpt (op regelmatige basis of ten minste 90 dagen per jaar);
  • en geen eigen inkomen heeft uit een andere beroepsbezigheid, noch een vervangingsinkomen dat recht geeft op een volledige bescherming door de sociale zekerheid.


Wanneer het vermoeden niet weerlegd wordt en de persoon de zelfstandige echtgenoot effectief helpt, is het statuut van meewerkende echtgenoot van toepassing. In dat geval moet een aansluitingsverklaring als meewerkende echtgenoot ingediend worden.

Sinds 1 juli 2005 is de meewerkende echtgenoot verplicht toe te treden tot het ‘maxi-statuut’ t.t.z. het volledige sociaal statuut der zelfstandigen (met uitzondering van de sector faillissementsverzekering). Daardoor geniet hij een betere bescherming dan in het verleden: pensioen, gezinsbijslag, geneeskundige verzorging, arbeidsongeschiktheid, invaliditeit en moederschap.

Opgelet: voor meewerkende echtgenoten geboren voor 1956 blijft het maxi-statuut facultatief. Enkel het mini-statuut is voor deze persoon verplicht. In het kader van dit mini-statuut is de meewerkende echtgenoot enkel verzekerd voor arbeidsongeschiktheid, invaliditeit en moederschap.

Het statuut van meewerkende echtgenoot is niet van toepassing op:

  • partners van zelfstandige bedrijfsleiders. Deze uitzondering heeft te maken met het feit dat er geen inkomen van meewerkende echtgenoot toegekend kan worden aan de echtgenoot van de persoon die door de belastingsdiensten beschouwd wordt als bedrijfsleider;
  • partners die als nog actieve werknemer, ambtenaar of zelfstandige, of als gerechtigde op een vervangingsinkomen eigen socialezekerheidsrechten doen ontstaan;
  • partners die geen effectieve bijstand leveren aan hun zelfstandige echtgenoot of partner. In dit geval moet de betrokkene een verklaring op erewoord afleggen waarbij wordt aangegeven dat geen enkele effectieve bijstand wordt geleverd.


Info
 
Rijksinstituut voor de Sociale verzekering der Zelfstandigen
Jan Jacobsplein 6
1000 Brussel
Tel.: 02 546 42 11
Fax: 02 511 21 53
E-mail: info@rsvz-inasti.fgov.be

© SDZ - Drukpersstraat 4 - 1000 Brussel | T 02 652 26 92 | E web@sdz.be