“Welke zijn de bevoegdheden van de arbeidsinspecteurs?”

De Heer F.P. van Veurne vraagt ons: “Ik werd onlangs verwittigd van de komst van een arbeidsinspecteur in mijn onderneming. Wat zijn mijn rechten en hoe kan ik deze controle zo goed mogelijk voorbereiden?”

ANTWOORD

- het proportionaliteitsprincipe (de passende en noodzakelijke 
middelen inzetten)
De inspecteurs voeren hun opdracht uit voorzien van een legitimatiebewijs dat steeds voorgelegd dient te worden.
Zij beschikken over de beoordelingsbevoegdheid om bij vastgestelde inbreuken:
- waarschuwingen te geven;
- een termijn op te leggen waarbinnen de overtreder zich in 
orde kan stellen;
- een proces-verbaal van inbreuk op te stellen, gewoonlijk Pro 
Justitia genaamd.
De inspecteur beslist zelf over de maatregel die hij meent te moeten nemen in de gegeven omstandigheden. De feiten die het voorwerp uitmaken van de vorderingen van het openbaar ministerie en voor dewelke een opsporingsonderzoek werd aangevat, kunnen niet meer het voorwerp uitmaken van een verwittiging of van het vaststellen van een regularisatietermijn.
Bij de uitoefening van hun functie kunnen de inspecteurs steeds beroep doen op bijstand van de politie.
Onderzoeksbevoegdheden
Het recht op toegang
Artikel 23 van het Sociaal Strafwetboek bepaalt dat de inspecteurs na voorlegging van hun legitimatiekaart: “op elk ogenblik van de dag of van de nacht, zonder voorafgaande verwittiging aan de werkgever, vrij [mogen] binnengaan in alle arbeidsplaatsen of andere plaatsen die aan hun toezicht onderworpen zijn of waarvan zij redelijkerwijze kunnen vermoeden dat daar personen werken die onderworpen zijn aan de bepalingen van de wetgeving waarop zij toezicht uitoefenen.”
De inspecteurs mogen echter enkel bewoonde ruimtes betreden met de uitdrukkelijke voorafgaande toestemming van de onderzoeksrechter (via een machtiging tot visitatie) of met de voorafgaande schriftelijke toelating van de bewoner.
Bij betrapping op heterdaad heeft de inspecteur geen machtiging tot visitatie nodig.
Inwinnen van inlichtingen
De arbeidsinspecteurs mogen overgaan tot elk onderzoek, elke controle en elk verhoor, alsook alle inlichtingen inwinnen die zij nodig achten om zich ervan te vergewissen dat de bepalingen van de wetgeving waarop zij toezicht uitoefenen, werkelijk worden nageleefd.
Identificatie van personen
De wettekst geeft aan de inspecteurs de bevoegdheid om de identiteit vast te stellen van alle personen die zich op de arbeidsplaatsen bevinden alsook van eenieder van wie zij de identificatie nodig achten voor de uitoefening van het toezicht.
Verhoor van personen
Inspecteurs mogen personen, in groep of individueel, verhoren. Denk hierbij aan werkgevers, werknemers, aangestelden, vakbondsafgevaardigden, leden van de ondernemingsraad, het comité voor preventie en bescherming op het werk, getuigen, derden,… .
Het recht om zich elke vorm van 
informatiedrager te laten voorleggen en te onderzoeken en er kopieën van te maken
De inspecteurs hebben het recht om zich elke vorm van informatiedrager die sociale gegevens bevat te laten voorleggen. Het gaat hier om elk soort gegeven dat nodig is voor de toepassing van de sociale wetgeving en waarvan het bijhouden opgelegd wordt door een regelgeving (zelfs als deze niet tot de specifieke bevoegdheid van de arbeidsinspecteur behoort).
Een inspecteur heeft het recht om elk soort informatiedrager op te vragen (wat ook de vorm ervan is) die alle andere gegevens bevat die nodig zijn voor het onderzoek (personeelsdocumenten). Het gaat om sociale, wettelijke gegevens of gegevens die noodzakelijk zijn in verband met het onderzoek.
Zij mogen deze laten leveren, zonder dat de werkgever zich moet verplaatsen (indien dit nodig is, moet de arbeidsinspecteur zich verplaatsen). Zij mogen eveneens uittreksels nemen, duplicaten, afdrukken, lijsten, kopieën of fotokopieën of zich deze laten bezorgen door de werkgever. Bovendien mogen zij, indien dit nodig is, overgaan tot de inbeslagname en het verzegelen van deze documenten en informatiedragers.
Deze bevoegdheid houdt het recht in op een actief onderzoek van informatiedragers, ongeacht het gebruikte medium, naar:
- alle gegevens van sociale aard, dit wil zeggen de informatie die nodig is voor de correcte toepassing van het arbeidsrecht 
en van het sociale zekerheidsrecht;
-alle verplichte gegevens (anders dan van sociale aard) waarvoor het opstellen of het bijhouden wordt voorgeschreven door een 
wettelijke of reglementaire bepaling, zelfs voor materies die ontsnappen aan de materiële bevoegdheid van de inspecteur.
Dit opsporingsrecht kan enkel gebruikt worden op een arbeidsplaats waar men vermoedt dat er een werknemer wordt 
tewerkgesteld en mits de naleving van de specifieke procedure die verbonden is met bewoonde ruimtes. Het opsporingsrecht mag slechts gebruikt worden wanneer de werkgever afwezig is of niet beschikbaar is, of als hij weigert om mee te werken of documenten te tonen.
De werkgever, zijn aangestelde of mandatarissen moeten aan de arbeidsinspecteurs een toegangsrecht langs elektronische weg geven tot het informaticasysteem of tot elk ander elektronisch apparaat en tot deze gegevens, een fysiek toegangsrecht tot de kast van het informaticasysteem of tot elk ander elektronisch apparaat, evenals een recht om langs elektronische weg deze gegevens te downloaden en te gebruiken.
De werkgever moet het recht verzekeren op toegang tot de gegevens, zelfs al worden ze bewaard in het buitenland. De gegevens moeten leesbaar zijn, betrouwbaar en verstaanbaar. De inspecteur moet ze kunnen downloaden of er een kopie van kunnen nemen, zonder kosten, en, indien nodig, ze laten vertalen als het document is opgesteld in een andere taal dan één van de landstalen.
De werkgever moet de analysedossiers, de programma’s, het beheer en de exploitatie van het informaticasysteem leveren. Als het nodig is moet de werkgever of zijn afgevaardigde de toegang tot de informatie toestaan of vergemakkelijken.
Beslag en verzegeling
De inspecteur heeft de bevoegdheid om beslag te leggen op gegevens en dragers of de mogelijkheid om de hardware 
te verzegelen.
Enkel de documenten en informaticadragers die sociale of wettelijke gegevens bevatten (de enige die aanleiding kunnen geven tot een opsporingsrecht) mogen onderwerp uitmaken van een dergelijke maatregel. Het maakt echter niet uit of zij aan de werkgever, zijn aangestelde of lasthebber toebehoren.
De inspecteurs kunnen beslag leggen op roerende goederen (andere dan de informatiedragers die sociale en wettelijke informatie bevat) of roerende en onroerende goederen verzegelen.
Vaststellingen door beeldmateriaal
Mits naleven van bepaalde voorwaarden mogen de inspecteurs vaststellingen doen door middel van het maken van beeldmateriaal. Zij kunnen eveneens het beeldmateriaal van derden gebruiken, voor zover deze personen dit beeldmateriaal rechtmatig hebben gemaakt of verkregen.
Het recht om documenten te laten aanplakken, opstellen of afleveren
De inspecteurs kunnen het bevel geven om documenten, waarvan de aanplakking voorzien is door de wetgeving waarop zij toezicht uitoefenen, aan te plakken of aangeplakt te laten, hetzij onmiddellijk, hetzij binnen een termijn die zij bepalen.
Er zijn door de wet strafsancties voorzien voor de werkgever die niet voldoet aan zijn verplichting om de voorgeschreven documenten aan te plakken.
Als zij het nuttig achten voor de begunstigden van de sociale zekerheid of voor degenen die vragen om van de sociale zekerheid te kunnen genieten, kunnen de arbeidsinspecteurs aan de instellingen van sociale zekerheid vragen om aan deze personen, binnen een termijn die zij vastleggen, de persoonlijke sociale gegevens mee te delen of ze te corrigeren of te wissen. Zij kunnen eveneens vragen geen gebruik te maken van incorrecte, onvolledige, onnauwkeurige of overbodige sociale gegevens.
Zij kunnen elk document opstellen of afleveren ter vervanging van degene die bedoeld zijn door de wetgeving waarop zij toezicht uitoefenen.
De bevoegdheid om de voorzitter van de rechtbank van koophandel in te lichten met de bedoeling 
de activiteit van de werkgever te doen stopzetten
De rechtbank van koophandel kan worden gevraagd om de activiteit van een onderneming stop te zetten.
Beroep tegen de door de arbeidsinspecteur genomen maatregelen.
Rekening houdend met bepaalde voorrechten die zijn toegekend aan de arbeidsinspecteurs, heeft de wetgever door de wet van 2 juni 2010 houdende bepalingen van het sociaal strafrecht de mogelijkheid voorzien om beroep aan te tekenen op basis van de schriftelijke informatieprocedure die met bepaalde van deze bevoegdheden gepaard gaat, met name:
- actieve opsporing van documenten of sociale of wettelijke gegevens;
- toegang tot gegevens die zijn opgeslagen op een informaticasysteem of een elektronisch apparaat;
- roerende en onroerende goederen of informatiedragers in beslag nemen of verzegelen;
- monsters nemen;
- bijzondere maatregelen opleggen voor de gezondheid en veiligheid van de werknemers op de arbeidsplaats;
- beeldmateriaal verzamelen en foto’s nemen.
Dit recht op beroep wordt uitgeoefend voor de voorzitter van de Arbeidsrechtbank. De voorzitter kan (onder voorwaarden), op advies van de arbeidsauditeur, de opheffing of het gedeeltelijk of volledig behoud van de genomen maatregelen verordenen, nadat hij de wettelijkheid en de gepastheid ervan heeft nagegaan.

De wet van 6 juni 2010 tot invoering van het Sociaal Strafwetboek bepaalt de bevoegdheden van de arbeidsinspecteurs.

De arbeidsinspecteurs oefenen hun bevoegdheden uit met respect voor:
- het legaliteitsprincipe (binnen de grenzen van hun bevoegd- heden)
- het proportionaliteitsprincipe (de passende en noodzakelijke  middelen inzetten)

De inspecteurs voeren hun opdracht uit voorzien van een legitimatiebewijs dat steeds voorgelegd dient te worden.

Zij beschikken over de beoordelingsbevoegdheid om bij vastgestelde inbreuken:
- waarschuwingen te geven;
- een termijn op te leggen waarbinnen de overtreder zich in  orde kan stellen;
- een proces-verbaal van inbreuk op te stellen, gewoonlijk Pro  Justitia genaamd.

De inspecteur beslist zelf over de maatregel die hij meent te moeten nemen in de gegeven omstandigheden. De feiten die het voorwerp uitmaken van de vorderingen van het openbaar ministerie en voor dewelke een opsporingsonderzoek werd aangevat, kunnen niet meer het voorwerp uitmaken van een verwittiging of van het vaststellen van een regularisatietermijn.

Bij de uitoefening van hun functie kunnen de inspecteurs steeds beroep doen op bijstand van de politie.

Onderzoeksbevoegdheden
Het recht op toegangArtikel 23 van het Sociaal Strafwetboek bepaalt dat de inspecteurs na voorlegging van hun legitimatiekaart: “op elk ogenblik van de dag of van de nacht, zonder voorafgaande verwittiging aan de werkgever, vrij [mogen] binnengaan in alle arbeidsplaatsen of andere plaatsen die aan hun toezicht onderworpen zijn of waarvan zij redelijkerwijze kunnen vermoeden dat daar personen werken die onderworpen zijn aan de bepalingen van de wetgeving waarop zij toezicht uitoefenen.”De inspecteurs mogen echter enkel bewoonde ruimtes betreden met de uitdrukkelijke voorafgaande toestemming van de onderzoeksrechter (via een machtiging tot visitatie) of met de voorafgaande schriftelijke toelating van de bewoner.

Bij betrapping op heterdaad heeft de inspecteur geen machtiging tot visitatie nodig.

Inwinnen van inlichtingen
De arbeidsinspecteurs mogen overgaan tot elk onderzoek, elke controle en elk verhoor, alsook alle inlichtingen inwinnen die zij nodig achten om zich ervan te vergewissen dat de bepalingen van de wetgeving waarop zij toezicht uitoefenen, werkelijk worden nageleefd.

Identificatie van personen
De wettekst geeft aan de inspecteurs de bevoegdheid om de identiteit vast te stellen van alle personen die zich op de arbeidsplaatsen bevinden alsook van eenieder van wie zij de identificatie nodig achten voor de uitoefening van het toezicht.

Verhoor van personen
Inspecteurs mogen personen, in groep of individueel, verhoren. Denk hierbij aan werkgevers, werknemers, aangestelden, vakbondsafgevaardigden, leden van de ondernemingsraad, het comité voor preventie en bescherming op het werk, getuigen, derden,…

Het recht om zich elke vorm van informatiedrager te laten voorleggen en te onderzoeken en er kopieën van te maken
De inspecteurs hebben het recht om zich elke vorm van informatiedrager die sociale gegevens bevat te laten voorleggen. Het gaat hier om elk soort gegeven dat nodig is voor de toepassing van de sociale wetgeving en waarvan het bijhouden opgelegd wordt door een regelgeving (zelfs als deze niet tot de specifieke bevoegdheid van de arbeidsinspecteur behoort).Een inspecteur heeft het recht om elk soort informatiedrager op te vragen (wat ook de vorm ervan is) die alle andere gegevens bevat die nodig zijn voor het onderzoek (personeelsdocumenten). Het gaat om sociale, wettelijke gegevens of gegevens die noodzakelijk zijn in verband met het onderzoek. Zij mogen deze laten leveren, zonder dat de werkgever zich moet verplaatsen (indien dit nodig is, moet de arbeidsinspecteur zich verplaatsen). Zij mogen eveneens uittreksels nemen, duplicaten, afdrukken, lijsten, kopieën of fotokopieën of zich deze laten bezorgen door de werkgever. Bovendien mogen zij, indien dit nodig is, overgaan tot de inbeslagname en het verzegelen van deze documenten en informatiedragers.

Deze bevoegdheid houdt het recht in op een actief onderzoek van informatiedragers, ongeacht het gebruikte medium, naar:
- alle gegevens van sociale aard, dit wil zeggen de informatie die nodig is voor de correcte toepassing van het arbeidsrecht  en van het sociale zekerheidsrecht;
- alle verplichte gegevens (anders dan van sociale aard) waarvoor het opstellen of het bijhouden wordt voorgeschreven door een  wettelijke of reglementaire bepaling, zelfs voor materies die ontsnappen aan de materiële bevoegdheid van de inspecteur.

Dit opsporingsrecht kan enkel gebruikt worden op een arbeidsplaats waar men vermoedt dat er een werknemer wordt tewerkgesteld en mits de naleving van de specifieke procedure die verbonden is met bewoonde ruimtes. Het opsporingsrecht mag slechts gebruikt worden wanneer de werkgever afwezig is of niet beschikbaar is, of als hij weigert om mee te werken of documenten te tonen.

De werkgever, zijn aangestelde of mandatarissen moeten aan de arbeidsinspecteurs een toegangsrecht langs elektronische weg geven tot het informaticasysteem of tot elk ander elektronisch apparaat en tot deze gegevens, een fysiek toegangsrecht tot de kast van het informaticasysteem of tot elk ander elektronisch apparaat, evenals een recht om langs elektronische weg deze gegevens te downloaden en te gebruiken.

De werkgever moet het recht verzekeren op toegang tot de gegevens, zelfs al worden ze bewaard in het buitenland. De gegevens moeten leesbaar zijn, betrouwbaar en verstaanbaar. De inspecteur moet ze kunnen downloaden of er een kopie van kunnen nemen, zonder kosten, en, indien nodig, ze laten vertalen als het document is opgesteld in een andere taal dan één van de landstalen.

De werkgever moet de analysedossiers, de programma’s, het beheer en de exploitatie van het informaticasysteem leveren. Als het nodig is moet de werkgever of zijn afgevaardigde de toegang tot de informatie toestaan of vergemakkelijken.

Beslag en verzegeling
De inspecteur heeft de bevoegdheid om beslag te leggen op gegevens en dragers of de mogelijkheid om de hardware te verzegelen.

Enkel de documenten en informaticadragers die sociale of wettelijke gegevens bevatten (de enige die aanleiding kunnen geven tot een opsporingsrecht) mogen onderwerp uitmaken van een dergelijke maatregel. Het maakt echter niet uit of zij aan de werkgever, zijn aangestelde of lasthebber toebehoren.

De inspecteurs kunnen beslag leggen op roerende goederen (andere dan de informatiedragers die sociale en wettelijke informatie bevat) of roerende en onroerende goederen verzegelen.

Vaststellingen door beeldmateriaal
Mits naleven van bepaalde voorwaarden mogen de inspecteurs vaststellingen doen door middel van het maken van beeldmateriaal. Zij kunnen eveneens het beeldmateriaal van derden gebruiken, voor zover deze personen dit beeldmateriaal rechtmatig hebben gemaakt of verkregen.

Het recht om documenten te laten aanplakken, opstellen of afleveren
De inspecteurs kunnen het bevel geven om documenten, waarvan de aanplakking voorzien is door de wetgeving waarop zij toezicht uitoefenen, aan te plakken of aangeplakt te laten, hetzij onmiddellijk, hetzij binnen een termijn die zij bepalen.

Er zijn door de wet strafsancties voorzien voor de werkgever die niet voldoet aan zijn verplichting om de voorgeschreven documenten aan te plakken.

Als zij het nuttig achten voor de begunstigden van de sociale zekerheid of voor degenen die vragen om van de sociale zekerheid te kunnen genieten, kunnen de arbeidsinspecteurs aan de instellingen van sociale zekerheid vragen om aan deze personen, binnen een termijn die zij vastleggen, de persoonlijke sociale gegevens mee te delen of ze te corrigeren of te wissen. Zij kunnen eveneens vragen geen gebruik te maken van incorrecte, onvolledige, onnauwkeurige of overbodige sociale gegevens.

Zij kunnen elk document opstellen of afleveren ter vervanging van degene die bedoeld zijn door de wetgeving waarop zij toezicht uitoefenen.

De bevoegdheid om de voorzitter van de rechtbank van koophandel in te lichten met de bedoeling de activiteit van de werkgever te doen stopzetten
De rechtbank van koophandel kan worden gevraagd om de activiteit van een onderneming stop te zetten.

Beroep tegen de door de arbeidsinspecteur genomen maatregelen.

Rekening houdend met bepaalde voorrechten die zijn toegekend aan de arbeidsinspecteurs, heeft de wetgever door de wet van 2 juni 2010 houdende bepalingen van het sociaal strafrecht de mogelijkheid voorzien om beroep aan te tekenen op basis van de schriftelijke informatieprocedure die met bepaalde van deze bevoegdheden gepaard gaat, met name:
- actieve opsporing van documenten of sociale of wettelijke gegevens;
- toegang tot gegevens die zijn opgeslagen op een informaticasysteem of een elektronisch apparaat;- roerende en onroerende goederen of informatiedragers in beslag nemen of verzegelen;
- monsters nemen;
- bijzondere maatregelen opleggen voor de gezondheid en veiligheid van de werknemers op de arbeidsplaats;
- beeldmateriaal verzamelen en foto’s nemen.

Dit recht op beroep wordt uitgeoefend voor de voorzitter van de Arbeidsrechtbank. De voorzitter kan (onder voorwaarden), op advies van de arbeidsauditeur, de opheffing of het gedeeltelijk of volledig behoud van de genomen maatregelen verordenen, nadat hij de wettelijkheid en de gepastheid ervan heeft nagegaan.

0
Uw score: Geen

© SDZ - Drukpersstraat 4 - 1000 Brussel | T 02 652 26 92 | E web@sdz.be